3 september 2020

Een arts van naam

Aptoniemen, familienamen die iets te maken hebben met de bezigheden van de naamdrager, blijven mij vreugde geven. En je staat er verstelt van hoe vaak ze voorkomen. Zeker in z'n algemeenheid maar zelfs ook binnen een bepaalde beroepsgroep. Beroepsnamen behoren tot de oude namen. Al in de 14e eeuw onderscheidde men twee personen met een gelijke (voor)naam door aan een naam een bezigheid toe te voegen: Willem de leyendecker, Albert di smyd. De gewoonte om die toevoeging met een hoofdletter te schrijven, ontstond pas later. En als zo'n persoon dan weer een kind kreeg, dan werd die, bij vernoeming naar de vader, bv. Smits genoemd. De 'eind-s' staat dan voor 'de zoon van'. Het is in wezen dezelfde figuur die bij patronymen ontstaat (Alberts).
Deze post is gewijd aan de medische stand maar niet aan echte beroepsnamen. Maar, zoals duidelijk zal worden, de namen hebben wel iets met de wereld van de witte jas van doen.

De huisarts Bloed, nee, niet met dt, viert zijn 12,5 jarig jublileum en zijn personeel doet hem o.a. een taart cadeau. Dat moeten dan de bloeddonoren geweest zijn.

Het Urkerland 9-7-2018

Dokter De Vet houdt zich bezig met, het verbaast niet, obesitas en overgewicht. Als je dan een avond te weinig op de portiegroottes hebt gefocust, en je gaat 's morgens op de weegschaal staan, dan weeg je jezelf niet maar doe je aan gewichtsmanagement.

ntvd.media/auteurs

Aansluitend word je dan verwezen naar de diëtiste.


En mocht ook dat niet helpen, dan maar naar internist ...


... die je dan weer doorstuurt naar



En hij gebruikt natuurlijk het instrumentarium van collega


Mocht ook dat niet helpen, dan rest nog slechts de laatste mogelijkheid, en dat is je te wenden tot


Ook in de veterinaire wereld voelt men zich vrij om met allerlei naamassociaties in de publiciteit te treden. Hoewel, vrij?


.Ook als dierenarts moet je klein beginnen.


En als je eenmaal als schaap over de dam bent, komt de autoriteit vanzelf.


Credits:
Esculaap: door Evanherk, CC BY-SA 3.0, https://commons.wikimedia.org/w/index.php?curid=6059740

16 augustus 2020

Het calculerend journaille

Dat journalisten over het algemeen alfamannetjes en -vrouwtjes zullen zijn, lijkt een voor de hand liggende veronderstelling. Maar of dan ook de gedachte gewettigd is dat het journaille niet kan rekenen, dat gaat misschien wat ver. Hoewel, als je onderstaande staaltjes rekenkunde ziet, dan ga je toch twijfelen. Echter, zoals ook duidelijk zal worden, ook bij anderen dan journalisten, zie je soms fraaie staaltjes van gegoochel met cijfers.

Op 25 februari 2013 heeft taalhistoricus en journalist Ewoud Sanders al eens een exposé geschreven over het verschijnsel 'voetbalveld' als rekeneenheid in de journalistiek. Het gebruik komt waarschijnlijk voort uit de drang om grote eenheden/getallen om te zetten naar voor de lezer begrijpelijke hoeveelheden. Maar om daar dan een weinig exacte metafoor als een voetbalveld voor te gebruiken... Afhankelijk van welke voetbalorganisatie je als de maat der dingen beschouwt, varieert de lengte tussen de 100 en 120 meter; de breedte tussen 64 en 75 meter. De oppervlakte van één veld varieert dus van 6.400 tot 9.000 m2. Daar zit een factor 1,4 tussen.
Ewoud citeert het dagblad BN De Stem:

NRC 25-2-2013

Vervolgens houdt hij een (terecht) betoog dat 37.000 voetbalvelden net zo min iets voorstelbaars is als de genoemde 7,8 miljoen vierkante meter. Maar klopt de vergelijking wel? Voor geen meter, zou ik haast zeggen. Afhankelijk van welke maatvoering je hanteert, kom je uit op rond de 1.050 voetbalvelden. Da's nog niet echt voorstelbaar maar wel correct(er). Overigens werd Ewoud een paar dagen na publicatie al door een lezer op de vingers getikt.
Ook wanneer er sprake is van overzichtelijker getallen, komt toch het voetbalveld weer op de proppen.

NRC 26-3-2013

Ter verduidelijking zou ik aan dit bericht toe willen voegen dat er dus één brandweerman werd ingezet voor elke ruim 400 vierkante meter en dat er in elke blusauto 7,5 man naar de brand werden gereden. Kijk mensen, dat is nog eens onthullende journalistiek!

De volgende berekening valt al snel door de mand. Drie kinderen per dag komt neer op 1.095 kinderen per jaar. En geen 2.000. Of bedoelt de schrijver toch 2.000 kinderen per jaar? Dat is gemiddeld 5,5 kind per dag.

NRC 26-4-2013

En of 1.095/2.000 kinderen op een bevolking van vier miljoen een behoorlijk aantal is, dat weet ik niet. Het gaat hier over adoptiekinderen die jaarlijks over een periode van 18 jaar in Denemarken zijn geboren. Dan praat je in die periode over een toename van 0,0049/0,009%. Het is maar wat je veel vindt.

Als kerkuilen tot twee ratten per dag eten, dan betekent dat maximaal twee, en niet meer. Dan kom je dus maximaal op 730 ratten per uil. Voor een paar kom je dan op 1.430 ratten. De berekening blijft dus wat duister.

Noordhollands Dagblad 9-1-2020

De volgende lezersbijdrage werd gepubliceerd op 11 maart 2013. Het was net zeventig jaar geleden dat de eerste trein uit Westerbork vertrok. De briefschrijver ziet dat anders.

NRC 11-3-2013

Zelfs het tellen van doelpunten bij een voetbalwedstrijd blijkt niet altijd even eenvoudig te zijn.

Nieuwsblad voor Castricum - sept. 2019

Als je een gebied van 100 x 100 meter moet afzoeken met een speedboot, twee helikopters en een vliegtuig, dan mag je van geluk spreken dat er geen ongelukken gebeuren.

NRC 18-8-2015

Als je een bepaalde leeftijd hebt bereikt, dan ben bezig met je daaropvolgende levensjaar. Dus als je de leeftijd van 88 hebt bereikt, dan ben je bezig aan je 89e levensjaar. Niet iedereen ziet dat zo.

NRC 20-7-2018

Rond de eeuwwisseling of bij het overgaan van het ene naar het volgende decennium, zie je nog wel eens de echte fijnslijpersdiscussie opduiken over wanneer dat nieuwe tijdvak nou precies ingaat. Ook de volgende ingezondenstukjesschrijver (3x woordwaarde) probeert iemand zijn dwalingen te laten inzien. Alleen jammer dat hij wat verwarring sticht door een hele eeuw zoek te maken. Zijn kalender vertoont een hikje door van 31 december 1900 naar 1 januari 2001 te springen. Ik ben bang dat hij de heer Wegenwijs niet echt wegwijs heeft gemaakt.

NRC

Bij deze winkel zou ik niks in de uitverkoop kopen. 25% korting is natuurlijk mooi. Maar -25% korting, dat riekt naar het algebraïsche - x - = +. Dus het lijkt mij beter te wachten tot die periode van 25 dagen voorbij is.


8 augustus 2020

Onbedoeld (?) toepasselijk

Battus heeft in 1981 al genoegzaam aangetoond dat taal zich heel goed leent om mee te spelen. Battus, één van de pseudoniemen van Hugo Brandt Corstius, leverde in dat jaar een letterlijk gewichtig werk af, vol taalvondsten, -grappen en andere al dan niet serieus bedoelde lemmata. Voor de ware taalliefhebber, het complete werk is gratis als pdf te downloaden, een genereus gebaar van de rechthebbenden, zo komt mij voor. Deze intro dient als prestigieus voorportaal voor dit blogje over het gebruik van woorden die in een bepaalde context toepasselijker zijn dan misschien bedoeld. Maar soms ligt het er voor mijn gevoel zo dik bovenop dat de schrijver zijn/haar lezer misschien wel in het ootje neemt. Ik laat het oordeel aan de lezers van dit blog.

Politiek NOS-verslaggever Ron Fresen gebruikt tijdens een reportage over de KLM toepasselijke beeldspraak. Of hier opzet in het spel is ...

NRC 27-2-2019

Het lijkt me toch wat genant wanneer je dit als Staatssecretaris van Defensie moet toegeven nadat zij al eerder in de Tweede Kamer aan de tand was gevoeld over een tekort aan scherpe munitie.

NRC 5-6-2018

Het onderschrift bij deze foto beschrijft exact wat u ziet. Ik vraag me alleen af hoe het onderschrift geluid zou hebben indien de agent 's mans bovenlichaam had gefouilleerd.

Noordhollands Dagblad 9-5-2020

Dat ze bij een supermarkt op alle mogelijke manier proberen duidelijk te maken dat er levens-middelen verkocht worden, dat verbaast niet. Maar dat ze dat ook in een juridische context nog voorelkaar krijgen, da's toch knap.

NRC 1-3-2019

Ik vind het meestal wel voldoende wanneer er gemeld wordt dat er doden zijn te betreuren. Om dan ook nog eens te benadrukken dat het hier om lijken gaat, dat hoeft dan voor mij niet zo nodig.

NRC 7-5-2019

Kijk, dat er in een item over mondkapjes, het woord 'mondjesmaat' wordt gebruikt, dat is natuurlijk wel grappig. Ik vraag me alleen af hoe ik dit woord in samenhang met het woord 'boetes' moet interpreteren.

NRC website 5-8-2020

Bij kleine mondjes (vergeef mij het pleonasme) een kleine boete en een hoge boete bij een grote bek?

Ik had het hierboven al over lijken. Voor mijn gevoel is de juiste uitdrukking dat een lijk 'in verregaande staat van ontbinding' kan zijn. Maar recent kom ik ook de term 'vergaande staat van ontbinding' tegen (met de klemtoon op de eerste lettergreep). Ik neem aan dat dan bedoeld wordt dat het 'vergaan' al een eind c.q. ver gevorderd is. Maar 'vergaan' (met de klemtoon op de tweede lettergreep) heeft ook de betekenis van 'ontbinden'. En dan krijgt de genoemde uitdrukking een pleonastisch tintje: 'in ontbindende staat van ontbinding'. Daarom houd ik het maar op de verregaande staat.

NRC 23-7-2020

Noordhollands Dagblad website 4-2-2020

Update 12 aug. 2020:
En dan nog deze variant. Er zijn kennelijk twee vormen van ontbinding, de dichtbije en de verre.

Noordhollands Dagblad 16-10-2019

Ontbinding in een verre staat is natuurlijk wel mogelijk, in Thailand of Brazilië of zo.

En de laatste laat ik maar voor wat ie is. Ik denk dat ze de weg kwamen reanimeren.

Noordhollands Dagblad website 8-8-2020

21 juli 2020

In de engste familiekring

Af en toe moet je es een kleine pauze nemen. Dus, na bijna twee jaar, wordt het wel weer eens tijd een stukje voor dit blog te produceren. Met zo'n langdurig intermezzo zou u licht de indruk kunnen krijgen met een folivora* te maken te hebben. Niets is minder waar. De afgelopen periode heb ik gebruikt om de geschiedenis van mijn familie, en in iets beperktere mate, die van mijn betere wederhelft, op papier te zetten en daar een boek van te laten maken. Mede dank zij de boekmaker (wedden dat het geen anglicisme is?) is het een mooie uitgave geworden, gedrukt op mat Silk machine coated 130 grams papier dat zeer geschikt is voor zowel tekst als foto's. Ik heb een traditionele, prettig lezende letter gebruikt: de Times New Roman.


De oplage is zeer bescheiden dus potentiële kopers moet ik teleurstellen, het blijft binnen de familie.

Over tot de orde van dit blog. Ik heb al eerder geschreven over mijn misschien wat merkwaardige gewoonte om rouwadvertenties met aandacht te bezien. Dan vallen mij soms teksten op die ik bijzonder vind of die je misschien ook wel wat anders dan bedoeld zou kunnen uitleggen. Ook namen zijn in de context van het in de rouwadvertentie gestelde soms zeer toepasselijk, vind ik.

Om met die laatste categorie te beginnen, als je iets veel te vroeg doet, heb je kennelijk de wekker niet gezet.


Bij sommige teksten denk je misschien nog dat het onbedoeld wordt neergepend. Maar bij de volgende kan dat toch al haast niet het geval zijn.



Bij het heengaan van een veldsporter vind ik dit wel een goedgekozen tekst.


Deze valt in dezelfde categorie.


Tot tweemaal toe het woord 'dierbaar' gebruiken, dat kan in dit geval haast geen toeval zijn.


Door bepaalde omstandigheden zijn achternamen soms toepasselijker dan je bij de geboorte van een betrokkene misschien zou denken. Een boomkweker die trouwt met een mevrouw Bos, iemand met de naam Huisjes die overlijdt in Huizen (NH), het komt allemaal voor.



Ook de dokter wil nog wel eens bedacht worden, maar niet altijd in positieve zin. Soms valt het in de categorie milde kritiek ...


... en soms wordt er, in dit geval na 13 jaar, fors uitgehaald.


Ook anderen komen aan de beurt.


Zeker in deze tijd vinden crematies en begrafenissen, al dan niet op verzoek van de overledene, plaats in besloten kring, in kleine kring, in beperkte kring of in de familiekring. De volgende kwam ik nog niet eerder tegen.


Het was kennelijk nodig om dit wat archaïsche taalgebruik te bezigen (sic). Als je het zo leest dan moet je wel tot de conclusie komen dat niet de hele familie welkom was.

Soms wordt een rouwadvertentie voorzien van de tekst 'in plaats van kaarten'. Zo te lezen is de persoon die onderstaande mededeling heeft geplaatst, ook op die wijze geïnformeerd over het heengaan van een bekende.


Als je wordt overvallen door de mededeling dat de overledene al begraven is, dan kan je altijd nog op bezoek bij de notaris. Het kon nog wel eens druk worden daar.


In een volgend blog meer over het onderwerp 'rouwadvertenties'. Hiernanogmaals dus.

*













Fotocredit: Door Stefan Laube (Tauchgurke) -
Eigen werk (Stefan Laube) Originally
uploaded at de.wikipedia.org: 2004-10-02
02:26 by Tauchgurke

28 oktober 2018

Naamgrappen zijn niet leuk

Naamgrappen zijn niet leuk, zo wil de volksmond. Nou wil de volksmond wel meer waar ik het niet mee eens ben, zo ook dit. Toegegeven, sommige naamgrappen zijn flauw, andere ongepast. Maar neem nou het verschijnsel 'aptoniem', de (meestal) achternaam die bezigheden van de drager bevestigt of daar mee te maken heeft.
Of juist het tegenovergestelde, een achternaam die in tegenspraak is met het beroep of de bezigheden van de drager. Daar is geen begripsnaam voor, daarom heb ik zo'n naam 'contraptoniem' genoemd. Ik vind dat wel een mooie benaming ook al omdat een nieuw woord eigenlijk een contraptie is, een uitvindsel.
Dan is er nog een categorie mensen die meent te moeten schrijven over een onderwerp dat enig verband heeft met hun achternaam. De term die ik daarvoor bedacht heb is 'provoniem'*, een (achter)naam die bij de drager aan de naam gerelateerde [schriftelijke] uitingen uitlokt/oproept. Maar misschien is er wel een betere benaming en, zoals politiewoordvoerders in het programma 'Opsporing verzocht' steevast zeggen, die horen wij dan graag.

Om maar met die laatste groep te beginnen, als je een naam hebt zoals deze schrijver, dan moet je natuurlijk over Feyenoord schrijven.

UIt: NRC 30-3-2016

Het subtiele verschil tussen een musicus en muzikant is gefundenes Fressen voor iemand met de klassieke naam Strauss.

Uit: NRC 4-8-2018

Deze briefschrijver zal ook tijdens zijn werkzame leven wel te maken hebben gehad met grapjes over zijn naam, al dan niet achter zijn geüniformeerde rug. En dat hij nu nog over criminaliteit schrijft is dus niet zo verbazingwekkend.

Uit: NRC 28-10-2017

Uit: NRC 4-8-2018

Dat een Dick over dat ding schrijft, tja, daar kan ik me nou vrolijk over maken.

Het minste dat je van de volgende briefschrijver kunt zeggen is dat hij strijdlustig is. Zijn familienaam duidt daar al op.


Uit: NRC 29-7-2014

Veel mooier dan de volgende kan je ze niet krijgen. Een dame met zo'n achternaam die over de piemeltjes van Fokke en Sukke schrijft!

Uit: NRC 27-9-2018
Dat deze dame er echt werk van maakt, moge blijken uit een eerdere ingezonden bijdrage van haar hand van 8-1-2016. Daarin schrijft zij met enige spijt over vervelende ervaringen in het openbaar vervoer die aan haar voorbij gegaan zijn. Ook in dit blog werd zij al eerder gesignaleerd.

Over naar de wereld van de contraptoniem. Hij is niet meer in leven maar er was tot voor niet zo lang geleden een Philippijnse kardinaal met de naam Jaime Sin. Dat is op zich al leuk (zeker als je naast het Engels ook enige kennis van de Franse taal bezit) maar het is ook vragen om moeilijkheden, zeker in Engelssprekende landen. Voor wie niet zo thuis is in de Engelse taal, een cardinal sin is een doodzonde.

Bron: pinoystop.org

Nu we toch in het buitenland verzeild zijn geraakt, nog eentje van Italiaanse bodem. Kijkend naar de voetbalwedstrijd Olympique Marseille tegen Lazio Roma, meldde de verslaggever dat een bepaalde aanvaller zeer beweeglijk was. Eigenlijk een overbodige mededeling, aan stilstaande aanvallers heb je niet zoveel. Maar goed, deze aanvaller deed zijn eigen naam wel heel weinig eer aan. Hij heet 'Immobile' oftewel 'onbeweeglijk'.

Bron: transfermarkt.nl

En als laatste categorie, de aptoniemen. Als je daar op gaat letten, kom je ze echt regelmatig tegen. Ze komen zelfs zo vaak voor dat de sociaal-psycholoog Raymond Smeets in 2009 een studie aan het nomen est omen** heeft gewijd. En hij concludeert dat er wel degelijk een zekere samenhang is tussen bepaalde familienamen en het gekozen beroep. Voor de hieronder genoemde voorbeelden geldt dat voor de volle 100%, die samenhang is er!


Een goed aptoniem heeft geen uitleg nodig. Zo ook deze:


En deze:


Het staat niet erg duidelijk op het uithangbord maar bestudering levert op dat hier tandems te koop of te huur zijn. De firmanaam is Dubbeld.

Tot slot een gelegenheidsaptoniem. Mijnheer Butter wint in 1950 ƒ10.000 in de Blue Band wedstrijd. De ouderen onder de lezers weten zeker nog wel dat dit ooit een margarinemerk was van Unilever. Ook hier speelt de volksmond een rol(letje). Aan tafel zullen maar weinig mensen zeggen, geef mij de margarine eens aan. Dan heeft men het gewoon over 'boter'.

Uit: De Heerenveensche Koerier, 3-8-1950

En een familielid scoort nog ƒ 2.500, in 1950 een klein kapitaaltje (om er maar eens een pleonasme tegenaan te gooien)! Overigens zou een dergelijke publicatie, met de adressen van de met name genoemde winnaars, vandaag, in verband met alle privacywetgeving, niet meer toegestaan zijn. Het kan verkeren.

Nog even terug naar het begin, ik laat het aan de lezer om bovenstaande naamgrappen al dan niet "leuk" te vinden. Voor mij geldt in ieder geval dat alleen al het verzamelen en hier signaleren van aptoniemen enz., mij vreugde geeft. En dan mag verder elke volksmond er het zijne van denken, ieder z'n meug.

* Afgeleid van het Latijnse provocetis, dat betekent 'uitlokken' en het Griekse onuma, hetgeen 'naam' betekent.
** De naam is een voorteken