Posts tonen met het label eigennaam. Alle posts tonen
Posts tonen met het label eigennaam. Alle posts tonen

2 mei 2013

Onder woorden brengen

epibreren
Je zal maar journalist zijn, een stukje zitten schrijven (nou ja, schrijven..., wie doet dat nog?) en de behoefte krijgen om een bepaald begrip in een enkel woord te vatten. Wat doe je dan? Dan maak je dat woord gewoon, toch? En als het een succes is, dan beklijft zo'n woord. Het is "jouw" woord geworden. En met de hedendaagse zoekmogelijkheden in allerlei digitale bestanden, is jaren later nog te traceren dat jíj degene was die dat woord als eerste gebruikte. Een legendarisch voorbeeld daarvan is het fraaie woord epibreren. De veronderstelde maker en onmiskenbaar eerste publieke gebruiker in 1954, was Paroolcolumnist Simon Carmiggelt, schrijver van de Kronkels. De humor is natuurlijk dat het haast letterlijk niets betekent maar dat zelfs daarvan een definitie is. 
Maar het nieuwe woorden maken komt meer voor dan je denkt. Zo'n nieuw woord heeft ook een naam, het is een neologisme. Het zullen niet allemaal blijvertjes zijn, reden te meer om er hier een paar voor het voetlicht te brengen. Omdat j.l. dinsdag Willem-Alexander als koning is ingehuldigd, eentje die hij tijdens een recent interview bezigde: de protocolfetisjist.
protocolfetisjist
protocolfetisjist (NRC 18-4-2013)
Ik zou dat willen omschrijven als 'een hijgerige aanhanger van decorum'. Ben benieuwd of deze de van Dale haalt.

overspel
overspeelde (NRC 19-3-2013)
Wanneer je na een voetbalwedstrijd met 9-0 naar huis wordt gestuurd, dan ben je overspeeld. Dat het naast andere gebruikelijke betekenissen ook betrekking heeft op de man waarvan de vrouw er een minnaar op na houdt, dat wist ik niet. De echtgenoot is dan overspeeld. Het heeft natuurlijk duidelijk met overspel te maken. We zullen het er maar op houden dat de vrouw in dit geval een uitwedstrijd gespeeld heeft.
bikinistress
Ja mensen, je zal er maar mee zitten: bikinistress. Het moet wel iets zijn waaraan alleen dames kunnen lijden. Als ik het allemaal goed begrijp dan komt deze vorm van druk slechts voor tijdens het nakende strandseizoen. Wanneer dames zich met goed fatsoen, vinden ze zelf, niet meer in een bikini kunnen tonen maar dat wel willen, dan ontwikkelt zich deze psychische spanning vanzelf. Het uit zich voornamelijk in het bijzijn van vriendinnen tijdens het nuttigen van een gebakje: "Ik moet nodig weer es wat afvallen!"
Dat je met sommige nieuwe woorden ook advocaten achter je aan kunt krijgen, bewijst het onderstaande stukje.
ogooglebar
ongooglebaar (NRC 28-3-2013)
Typisch een geval van een eigennaam die tot soortnaam is geworden: googelen. Maar bij Google denken ze dat ze zelfs een levende taal kunnen manipuleren! Dus mensen, als je iets, waarmee dan ook, niet kunt vinden, dan is het het ongooglebaar. En als je het toch gevonden hebt, uit de hoge hoed getoverd dus, dan ben je een googelaar.
O ja, nog één vraag. Wanneer houdt een neologisme op een neologisme te zijn? Als het in een woordenboek is opgenomen? Of is het al voldoende wanneer het in boekjes verschijnt zoals het hiernaast getoonde van Wim Daniëls? Ik houd het maar op het eerste. Overigens is genoemde Wim mede-opsteller van het Witte Boekje, het alternatief voor het Groene Boekje. En in dat Witte Boekje staat epibreren gewoon genoemd, in de van Dale niet en in het Groene Boekje al evenmin. Indachtig Simon Carmiggelt zullen we dat dan maar tot een kronkel van de samenstellers bestempelen.


1 maart 2013

Van eigennaam tot soortnaam


Hoewel een eigennaam* ook personen kan betreffen, wil ik het hier uitsluitend hebben over zaken. En dan die zaken die kennelijk zo goed zijn, zo algemeen in het gebruik, dat gelijksoortige zaken van andere herkomst ook met die naam worden aangeduid. In bepaalde kringen is het verduidelijken van je bedoeling met voorbeelden not done**, ik doe het hier toch maar.
Wanneer u in een restaurant een flesje Chocomel bestelt, maakt u een goede kans chocolademelk van een ander merk te krijgen. En het leuke is, daar zegt u dan niks van. Want u verwachtte chocolademelk te krijgen, en dat hebt u toch gehad? Bij Nutricia, het bedrijf dat Chocomel ooit op de markt bracht, hadden ze dat ook door. Vandaar de toevoeging 'De enige echte'.
Een soortgelijk verhaal kan over Spawater verteld worden. Je kunt om Spa blauw of Spa rood vragen, je krijgt van alles maar vaak geen Spa met een hoofdletter. Beide merken zijn tot soortnaam* geworden wat natuurlijk wel een compliment is! Maar ja, daar wordt een bedrijf toch vaak niet wijzer van...
Met bovenstaande wordt mogelijk de indruk gewekt dat alleen de horeca zich schuldig maakt aan merkvervaging. Maar dat is niet juist. Nog een voorbeeld.
De iets oudere lezer zal het misschien nog bekend in de oren klinken. Tijdens televisieuitzendingen werd nogal eens de term gebezigd: "Start de ampex maar". Dat betekende dan zoveel als, laat de video met het volgende programmaonderdeel maar gaan draaien. De kennelijk opgenomen uitzending kon dan beginnen. Pas veel later, 
toen we bij KLM Cargo Service Center de distributie van Amerikaanse tapes in Europa gingen doen, pas toen werd mij duidelijk dat het woord 'ampex' eigenlijk een merknaam is. Want onze opdrachtgever was de fa. Ampex uit Opelika AL. Die tapes werden binnengevlogen uit Atlanta GA, en vanaf Schiphol per truck naar televisiestations in heel Europa vervoerd. En dat ging echt met tonnen tegelijk! Geen wonder dat opnametape in het televisiewereldje als soortnaam werd gebruikt want veel concurrentie had Ampex niet. Of deze tape de voortschrijdende digitalisering heeft overleefd, dat weet ik eigenlijk niet. 


*Definities volgens Van Dale:
eigennaam: naam waardoor men een zelfstandigheid, een persoon van andere van dezelfde soort onderscheidt;
soortnaam: voorwerpsnaam die aan alle voorwerpen van de zelfde soort gemeen is.

**Er schijnt zelfs een vereniging te bestaan die zich daarvoor sterk maakt: de RSPEAE ofwel de Royal Society for the Prevention of Elucidating your Answers with Examples.

22 februari 2013

Guillemet

Eponiemen Ewoud Sanders
Eerlijk gezegd wist ik tot voor een hele tijd terug niet wat een eponiem* was. Desgevraagd zou ik misschien wel verondersteld hebben dat het wat met doping van doen had. Maar het zijn woorden die ontleend zijn aan eigennamen*. Ewoud Sanders heeft er een fors aantal in het hiernaast getoonde boekje opgenomen zonder ook maar de illusie te hebben tot een complete lijst gekomen te zijn. Dat was trouwens zijn streven ook niet. Dit gewaardeerde streven naar imperfectie, geeft mij de mogelijkheid er nog eens eentje voor het voetlicht te halen die in het boekje is weggelaten of misschien nog niet eens bestond ten tijde van**.
Om maar met een recent voorbeeld te beginnen, de "boolean operator". Dat zijn operatoren die het zoeken in bv. Google faciliteren zoals AND, OR en NOT. De persoon achter deze term is de Engelse wiskundige George Boole (1815-1864). Van computers heeft de man geen weet gehad. Echter, zijn gedachten m.b.t. algebraïsche logica vormen de basis voor het digitale rekentuig dat wij computer noemen.
NRC guillemet
Een andere: in 2010 heeft NRC Handelsblad de guillemet als herkenningsteken, of beeldmerk zo u wilt, van de krant geïntroduceerd. Het is een grafisch teken dat m.n. in Frankrijk als (deel van het) aanhalingsteken wordt gebruikt. Bv. <<boolean operator>>. Maar het wordt ook als enkel aanhalingsteken gebruikt <.....>. Daarnaast heeft het op electronische apparatuur een plaats gekregen: > = forward en >> = fast forward.
De guillemet heeft zijn naam te danken aan de 16e eeuwse Franse graficus Guillaume le Bé (1525-1598). Nu liggen voor de kust van het eveneens Franse Saint Malo twee kleine eilandjes: Grand Bé en Petit Bé, we zijn er vaak geweest. Die eilandjes hebben bij mijn weten niets met Guillaume te maken, hij was van Troyes. De enige reden om ze hier te noemen is dat op Grand Bé de Franse schrijver François-René de Chateaubriand begraven ligt. En ook zijn achternaam is tot eponiem geworden.
Grand Bé Saint Malo
Grand Bé bij Saint Malo op
30 mei 2004. Links is Petit Bé
nog net zichtbaar
Het is wel een leuk spelletje om het ene eponiem met het andere te verbinden. Zo wordt naast een chateaubriand in de keuken ook béchamelsaus bereid. En die heeft zijn naam op zijn beurt te danken aan Louis de Béchamel, een (alweer) Franse markies, die ergens tussen 1630-1703 een al bestaande saus verder perfectioneerde.
Dus we hebben nu: guillemet [chateaubriand [béchamel. Wie weet er nog eentje bij te breien of een nieuwe reeks te maken? Ik houd mij aanbevolen.


*Definities volgens Van Dale:
eigennaam: naam waardoor men een zelfstandigheid, een persoon van andere van dezelfde soort onderscheidt;
eponiem: woord voor een zaak dat is ontleend aan de bedenker of uitvinder van die zaak.
** 7e druk, september 1993.